Infoyo
Vragen en antwoorden
Zoek artikelen:

Enquete iPhone 4

Ontvang het laatste nieuws over "Dier en natuur" en maak kans op 1000 euro cash.
Laat nu je e-mailadres achter. Speel gratis mee.


Uiterlijk, gedrag, houding en zang van vogels

Venster sluiten

Maak een melding van dit artikel
Selecteer de motivatie van je melding:
Spam / reclame Misleidende of onduidelijke inhoud
Lage inhoudelijke kwaliteit Niet Nederlands
Erotische inhoud Artikel bestaat reeds op internet
Gokken / Illegale promotie Andere reden...

Omschrijf de motivatie van je melding:
Venster sluiten

Stuur dit artikel door
Je naam:
Je e-mailadres:
E-mailadres ontvanger:
Artikelscore
+3
  Goed artikel ( +3 )
  Slecht artikel ( 0 )
RSS van Carambole Carambole Auteur op infoyo sinds
02 December 2008


Bekijk het profiel van Carambole
Datum: 30-01-2009
Auteur: Carambole
Vogels zijn te herkennen aan een aantal kenmerken zoals uiterlijk, gedrag, houding, kleur, tekening, roep of zang en omgeving. Hoe meer u er mee te maken krijgt, hoe meer u zich wilt verdiepen in hun kenmerken.

Vogels herkennen aan uiterlijk, gedrag, houding, kleur, tekening, zang, roep en omgeving

Vogels hebben bij de geboorte alleen maaar donsveertjes, die hen tegen de kou beschermen dankzij de isolerende luchtlaag die zich in het dons vormt.  Het latere verenkleed van de volwassen vogel ruit tweemaal per jaar. Fantastisch zo als vogels zich kunnen voortbewegen. De grotere veren, de pennen, bouwen de draag- en stuurvlakken van het vliegapparaat. Aan de kleren herkent men de man, wordt wel gezegd, maar dat geldt ook voor de vogels!

Uiterlijk

Wat het uiterlijk betreft kunnen we de vogels rangschikken naar grootte en vorm. Een mus is ongeveer 15 cm, een merel is nog groter en een houtduif is wel ongeveer 40 cm.

Net als bij mensen hebben ook vogels een eigen lichaamsvorm. Een roodborst is kort en dik en een kwikstaart smal en slank.
Boerenzwaluwen hebben puntige vleugels, zangertjes zoals de fitis en de tjiftjaf hebben korte vleugels.

Ook de snavel verschilt bij de vogels.
  • ∑ insecteneters, zoals veel zangers, hebben en klein puntig snaveltje,
  • ∑ zaadeters een korte dikke.
  • ∑ de stern heeft een dolkvormige snavel
  • ∑ de torenvalk bezit een haakpunt aan zijn snavel.
De staart kan diepgevorkt zijn (zwaluw), recht afgesneden (spreeuw), ingekeept (kneu), afgerond (koekoek) of wigvormig (raaf).

Gedrag

Het gedrag van veel vogels verschilt ook en je kunt ze er aan herkennen. Een winterkoninkje houdt de staart vertikaal omhoog, terwijl de vliegenvanger juist een afhangende staart heeft. Een kwikstaart wipt met zijn staart, een mus hipt en een kievit rent met korte rukjes.
Een boomkruiper klimt in spiralen tegen de boom op, in tegenstelling tot de boomklever die even gemakkelijk omhoog als omlaag gaat.
Watervogels kunnen prachtig uit het water opstijgen. Een wintertaling verheft zich met een sprong uit het water, terwijl een waterhoen al watertrappelend het water verlaat. Zo heeft iedere vogel zijn eigen kenmerken.

Houding en kleur

Aan de houding en de kleur kun je ook zien welke vogel het is. Een spreeuw vliegt bijvoorbeeld rechtlijnig, maar een specht golvend. De wijze waarop een grote bonte specht tegen een boom landt is heel apart. Hij gaat niet op een tak zitten. De kramsvogel schiet na enkele vleugelslagen een tijdje met gesloten vleugels door. De buizerd, die u vast wel eens heeft gezien, zeilt roerloos door de lucht. Een schitterend gezicht!

Tekening

De tekening van de vogels kan ons ook helpen bij het herkennen. Het meest herkenbaar is wel het roodborstje met zijn rode borst en de vink met zijn witte vleugelstrepen. Als een vogel gevlekt en gestreept is, geldt dit bij de zanglijster voor alle onderdelen en bij de leeuwerik alleen voor de kop. De appelvink heeft een witte eindrand aan de staart, het paapje witte vlekken opzij.
Het vliegbeeld van eenden en waadvogels is ook kenmerkend. De grutto heeft van onderen gezien witte strepen over de vleugel. De vlaamse gaai kunt u in zijn vlucht erkennen aan een witte stuit, maar ook de goudvink, de tapuit, de blauwe kiekendief en de huiszwaluw hebben dat.

Zang en roep

Zang en roep zijn na oefening goed te herkennen. Zeer kenmerkend is de roep van de koekoek. Ook het klu-klu-klu van de groene specht is erg verschillend van andere zang.

Omgeving

Vogels zijn vaak uitgerust met voorzieningen aangepast aan datgene wat zij doen en in welk gebied zij leven.

Waadvogels, die in vochtige weiden en in ondiepe plassen hun eten moeten zoeken, hebben vaak lange poten. Denkt u maar eens aan de reiger, de scholekster, de grutto, de watersnip of de tureluur..

Watervogels hebben speciale vliezen tussen de tenen van hun poten. Daardoor kunnen zij vaak moeilijker lopen op het land. Vandaar de waggelende eend en gans. De watervogels hebben extra vetkleren om het water af te stoten.

Weidevogels zoeken hun eten in weiden en nestelen daar ook. Ze halen voedsel (insecten) uit de bodem. Gelukkig houden boeren tegenwoordig steeds meer rekening met nesten op hun terreinen. Het maaien wordt uitgesteld of de nesten worden beschermd.

Bosvogels
Onder de bodemvogels vallen de vogels die hun voedsel op de grond vinden, zoals de roodborst, de lijster, de heggemus, de nachtegaal en de gekraagde roodstaart. Zij eten insecten en wormen. ďs Winters trekken de gekraagde roodstaart en de nachtegaal weg, de andere blijven. De meeste bodemvogels zijn zaadeters. Het zijn vaak standvogels omdat in het najaar nog volop te eten voor ze is. Denk daarbij aan de vlaamse gaai, de vink, de gors , de keep en de hoenderachtigen. In de zomer, tijdens de broedtijd, wanneer ze veelvoedsel nodig hebben, is er weinig zaad. Ze eten dan ook wel insecten. Eigenlijk is het roodborstje een trekvogel, maar u merkt er niets van. Het roodborstje is altijd wel aanwezig. De roodborst die in Nederland broedt, trekt ís winters naar het zuiden, maar het Skandinavische roodborstje zal naar Nederland trekken omdat het daar warmer is.
De meeste roofvogels eten gronddieren. Uilen eten overwegend muizen, ransuilen eten ook kleine vogels. Het zijn standvogels, die buiten de broedtijd zwerven. De buizerd leeft vooral in open terreinen, waar hij muizen, mollen en ook kadavers verorbert.
Tot de tak- en stamvogels horen zij die dierlijk voedsel verzamelen tussen en onder de schors van takken en stammen. Het zijn vooral de boomkruipers , boomklevers, mezen, goudhaantjes en spechten die eieren, larve, poppen en overwinterende insecten en spinnen opruimen.
Echte bladvogels zijn de insecteneters die we veel in lage struiken zien. Het zijn allemaal trekvogels, die hier ís zomers van de insecten leven en broeden, zoals de tjiftjaf, fluiter, fitis, tuinfluiter en zwartkop. De twee laatste vogels eten ook wel vruchten.

Reacties op dit artikel
Mij, 2009-03-31
( 0 )

Waar staat het voedsel?
Hey, 2009-04-07
( -3 )

Ja waar staat het voedsel???? als je zo'n site maakt moet je het er ook bij zetten....DUHHH IK HEB VEEL BETER SITES GEZIEN!!
Carambole, 2009-04-07
( +2 )

Kom Hey, reageer niet zo onaardig. Als je het artikel goed leest dan zie je op elf plaatsen staan waar de vogels hun voedsel vandaan halen. Bovendien gaat het artikel niet over het voedsel van vogels, maar over UITERLIJK, GEDRAG, HOUDING en ZANG. Lees het artikel nog maar eens goed over, dan weet je precies waar de vogels hun voedsel vandaan halen.
Hoi hoi, 2010-01-12
( +2 )

Ik moet 19/01/'10 mijn spreekbeurt doen over de spechten ik heb hier veel gevonden hoor!!!
Ria, 2010-01-16
( +1 )

Klimt de kramsvogel in de boom, net als een boomklever?
Welke vogel zou dat anders geweest kunnen zijn?
Was iets groter dan de merel en bruin.
Gijs, 2010-05-10
( +3 )

Ik vind het allemaal heel interessant
Mmm, 2011-05-15
( +1 )

Goede informatie, hr
Plaats een reactie
Naam:
E-mailadres:

Reactie:




      Home   -   Aanmelden   -   Top artikelen   -   Nieuwe artikelen   -   Sitemap   -   Help   -   Links   -   Privacy policy   -   Contact
Copyright © 2014 - Infoyo.nl